
Lichaamsgerichte therapieën
Je hebt het al zo vaak uitgelegd. Aan je huisarts, aan je partner. Je hebt nagedacht, gepraat, gelezen. En toch verandert er in je lijf niets. Snappen is nu eenmaal iets anders dan voelen dat het rustiger wordt.
Lichaamsgerichte therapie begint daar. Niet via je hoofd naar je lijf, maar via je lijf naar het geheel. Je zenuwstelsel luistert niet naar argumenten, maar naar signalen: je adem, je spierspanning, de stand van je schouders. Het is geschikt voor proceswerk: bij trauma en hechtingspijn, bij rouw, bij persoonlijke ontwikkeling.
Craniosacraal therapie is daar een hele zachte vorm van. Je ligt of zit met kleren aan op je rug, er wordt niet geduwd of geknakt, alleen gevolgd en gewacht. Spanning in je nek, kaak of middenrif zit letterlijk in het verloop van de nervus vagus. Wordt het daar zachter, dan kan die zenuw zijn werk weer doen. cranio is ook uitemaket geschikte bij: bij trauma en hechtingspijn, bij rouw, bij persoonlijke ontwikkeling.
Lichaamsgerichte therapie: welke vorm past bij jou?
lichaamsgerichte therapie
Wat is lichaamsgerichte therapie en waarom werkt lijfwerk beter dan praten alleen? Craniosacraal therapie en lichaamsgerichte psychotherapie uitgelegd.
Je hebt het al zo vaak uitgelegd. Aan je huisarts, aan de cardioloog, aan je partner. Waar de pijn zit, hoe die aanvoelt, dat het benauwt, dat het soms steekt en soms brandt. En toch verandert er in je lijf niets.
Dat is het punt waarop veel mensen met het syndroom van Tietze of costochondritis bij ons terechtkomen. Ze hebben nagedacht, gepraat, gelezen, geanalyseerd. Maar snappen is niet hetzelfde als voelen dat het rustiger wordt.
Daar begint lichaamsgerichte therapie. Het is geen aparte techniek, maar een manier van werken: niet via het hoofd naar het lijf, maar via het lijf naar het geheel.
Het lichaam als ingang
Bij de meeste hulp die je tot nu toe kreeg, was taal de ingang. Bij lichaamsgerichte therapie is je lichaam de ingang. Wat er in je nek staat, hoe je ademt, waar je adem stopt: dat is de informatie waarmee gewerkt wordt.
Je zenuwstelsel beoordeelt de hele dag, buiten je bewustzijn om, of het veilig is. Het gebruikt daarvoor geen argumenten, maar signalen: je spierspanning, je hartslag, je adem, de stand van je schouders. Staat je systeem in de actiestand, dan wordt je adem hoger en korter en verstijft je bovenrug. Bij Tietze en costochondritis is dat precies de combinatie die pijn geeft. En de pijn geeft weer spanning. Zo blijft de cirkel lopen.
Daarom werkt lichaamsgerichte therapie met signalen in plaats van met uitleg. Je zenuwstelsel is niet overtuigd door het woord "veilig". Het is overtuigd door een uitademing die iets langer duurt dan de vorige. Je kunt tegen jezelf zeggen dat het je hart niet is, en toch schiet je overeind bij de eerste steek. Je hoofd weet het. Je lijf gelooft het niet.
Craniosacraal therapie: jouw emoties mogen in beweging komen en je lijf mag ontspannen
Craniosacraal therapie is een hele zachte, subtiele vorm van lichaamsgerichte therapie. Je ligt op je rug of zit op de bank met kleren aan, en de therapeut legt handen onder je hoofd, bij je nek, op je borstbeen of onder je onderrug. Er wordt niet geduwd of geknakt. Er wordt gevolgd en gewacht.
Wat het doet, in onze woorden: het haalt de rem van je herstelsysteem. De nervus vagus loopt vanuit je hersenstam langs je nek, langs je hart en longen, naar je buik. Spanning in je nek, kaak, schedelbasis of middenrif zit letterlijk in dat verloop. Wordt het daar zachter, dan kan de zenuw zijn werk doen.
We zetten deze vorm vaak in na een ongeluk of een klap op je hoofd, bij trauma en hechtingspijn, en bij het ontdekken van de emotionele lading onder je klacht. Dat laatste verrast mensen het meest: er ligt een hand op je borstbeen en er komt verdriet, of woede, of een beeld van een periode waar je jaren niet aan hebt gedacht.
Lichaamsgerichte psychotherapie: oude patronen benaderen via je lijf
Waar craniosacraal therapie vooral met je weefsel en zenuwstelsel werkt, gaat lichaamsgerichte psychotherapie een stap verder in het emotionele. Het is gesprekstherapie waarin je lichaam volwaardig meedoet. Je vertelt iets, en de therapeut vraagt waar je dat voelt. Je merkt dat je adem stopt bij een bepaald woord. Je schouders trekken op als je over je werk begint.
Dat is bruikbare informatie. Want die reactie is een patroon: iets wat je ooit hebt geleerd om je staande te houden en wat nu automatisch aangaat, ook waar het niet meer nodig is. Denk aan altijd doorgaan, altijd aardig blijven, nooit hulp vragen, spanning wegslikken. Zo'n patroon wordt hier niet alleen besproken maar ook uitgevoerd, overdreven, en dan bewust anders gedaan. Vaak komt dan precies de emotie die het patroon jaren heeft weggehouden.
Beide vormen werken via hetzelfde principe: je lijf als ingang. Ze verschillen in nadruk. Craniosacraal therapie zit dicht op je zenuwstelsel en je weefsel, lichaamsgerichte psychotherapie dicht op je emoties en patronen. Welke voor jou het meest oplevert, hangt af van waar jouw klacht vandaan komt en van waar jij nu aan toe bent.
Weet je niet welke vorm bij jouw verhaal past? Stuur ons je situatie. We denken graag met je mee — ook als de hulp die je nodig hebt niet bij ons zit.
